Van kapstok tot koelkast; alles was verbrand!

Van kapstok tot koelkast; alles was verbrand!

Het is 1995. Leen en zijn vrouw hebben hun bungalow in het Brabantse Moergestel tijdelijk verruild voor de Spaanse zon. Op een ochtend krijgen ze telefoon van hun schoonzoon. ‘Schrik niet, jullie huis is afgebrand’. Al is het inmiddels bijna een kwarteeuw geleden, hij herinnert zich het moment nog precies. “Dat niet schrikken, is niet gelukt. Je zit op afstand, hebt geen idee hoe of wat en je blijft maar malen over wat er gebeurd kan zijn. Mijn schoonzoon vertelde dat er nagenoeg niets meer overeind stond, dus dat het geen zin had om te haasten met terugkomen. Dat bleek helaas waarheid, er was werkelijk geen fluit meer over.”

Op een ochtend kregen we telefoon van onze schoonzoon. 'Schrik niet, jullie huis is afgebrand.'

Terug naar Nederland

Leen en zijn vrouw reden terug naar huis; naar dat wat er nog over was. Ze wisten op dat moment nog niets over de toedracht van de brandstichting. “Je gaat je gedurende die terugrit steeds meer afvragen hoe het heeft kunnen gebeuren. Je haalt je allerlei dingen in je hoofd. Ik heb me zelfs afgevraagd of iemand uit het bedrijfsleven me misschien te grazen wilde nemen.”

Eenmaal in Moergestel aangekomen, bleek er inderdaad bijna niets meer van hun huis over te zijn. “Alles wat we nog hadden, waren de kleren die we droegen, de spullen die vanwege onze vakantie in de auto lagen en wat geld, papieren en diploma’s uit onze brandvrije kluis.” Die waren een beetje verschroeid, maar nog wel leesbaar, zo vertelt Leen.

Huis van Leen en zijn vrouw na de brand

Alles weg

Van het tijdperk vóór de brand hebben Leen en zijn vrouw dus bijna niets meer. Souvenirs van hun vele verre reizen en foto’s bijvoorbeeld. Die fysieke herinneringen mist hij tot op de dag van vandaag. Ook de antieke inrichting ging compleet in vlammen op. “We hadden veel mooie spullen in huis. Maar met temperaturen boven de 1.200 °C, was zelfs het metaal- en kristalwerk gesmolten. We konden helemaal van voren af aan beginnen.”

Leen en zijn vrouw huurden tijdelijk een huis in de buurt. “De verzekeringszaken moesten afgewikkeld worden, maar alle polissen waren verbrand en ik had geen idee meer hoe we eigenlijk verzekerd waren. Je hebt veel te verwerken, maar tegelijkertijd moet je je opeens met taxatiewaardes bezighouden. Die hele afwikkeling heeft de nodige impact gehad. Gelukkig zijn polissen tegenwoordig digitaal, dat scheelt een heleboel gedoe en stress.”

Alles wat we nog hadden, waren de kleren die we droegen, de spullen die vanwege onze vakantie in de auto lagen en wat geld, papieren en diploma's uit de brandvrije kluis.

Herbouwen en een nieuwe inrichting

Het stel stond voor de vraag: van het park weg en elders iets huren of kopen, of toch op het park blijven en herbouwen? “We hebben besloten dat laatste te doen; dat was financieel aantrekkelijker voor ons. We gingen voor prefabricage; waarbij alle materialen in een fabriek al tot elementen voor ons huis gemaakt werden. Onze kinderen, buren en vrienden; iedereen was bereid om ons te helpen.”

Ook de gehele inboedel moest opnieuw aangeschaft worden; van de kapstok tot aan de koelkast. “Ik zie ons nog door de Vroom & Dreesman lopen om alles bij elkaar te sprokkelen.” Leen blijft er redelijk laconiek onder. “Ik was ook wel tevreden met onze nieuwe inrichting hoor. Die antieke spullen waren prachtig, maar je zat er echt niet lekker op.”

‘Wij geen kluis, zij geen huis’

Pas toen de herbouw van het huis klaar was, werd de toedracht van de brand duidelijk. “De knapen in kwestie hadden ’s nachts wat stickies met elkaar gerookt en kwamen op het idee een inbraak te plegen. De broer van één van die 3 woonde bij ons op het park, en ze hadden onderling ruzie gekregen. Ze gingen toen langs op het park om te kijken wat ze bij hem thuis konden aanrichten.”

Ze braken in het totaal bij 6 bungalows in. “Ons huis was de laatste van de reeks. Ze probeerden onze kluis open te breken, maar dat lukte niet. Het frustreerde ze kennelijk, want uit rechercherapporten weten we dat ze letterlijk gezegd hebben ‘wij geen kluis, dan zij geen huis’. En toen hebben ze de hele boel in de fik gestoken.”

brandweer ruimt op na blussen uitgebrande woning

Je vraagt je af: doen we het wel goed?

Leen blijft het bizar vinden. “We hebben tijdenlang niet geweten wat de oorzaak van de brand was. Die knapen zijn maanden later pas opgepakt. Ze hadden auto’s het Wilhelminakanaal in gereden. Zo is de politie ze op het spoor gekomen. Maar al die tijd zaten wij in onzekerheid.”

Wat betreft de inboedel is Leen er, op wat hobbels na, in goed overleg met de verzekeraar uitgekomen. Het was zo’n onzekere tijd. Je gaat twijfelen: doen we het wel goed? Terugblikkend kunnen we gelukkig zeggen: we hebben het goed gedaan.”

Inmiddels weer opgekrabbeld

Leen en zijn vrouw wonen inmiddels niet meer in het toen herbouwde huis; ze hebben het jaren geleden verkocht. Maar dat had niets met het gebeurde te maken, zo stelt Leen. “Wij gaan veel weg met de camper en waren bijna nooit meer thuis. Het werd te bewerkelijk in dat bosgebied en met die grote tuin. En dus zijn we in een appartement gaan wonen. Financieel zijn we er overigens redelijk goed uitgekomen.”

Sinds we de toedracht kennen, zijn we niet meer bang. Ook niet als we op vakantie gaan. Ze hadden het niet op ons gemunt, het was gewoon domme pech.

Het echtpaar heeft gelukkig geen nare angsten aan de gebeurtenis overgehouden. “Vanaf het moment dat we het verhaal achter de brand hoorden, waren we niet meer bang. Ze hadden het niet op ons gemunt.” En dat de hele financiële afwikkeling van zo’n situatie met de digitalisering een stuk makkelijker geworden is ten opzichte van 25 jaar geleden, dat stemt Leen positief. “Al hopen wij er natuurlijk nooit meer gebruik van te hoeven maken!”


Weet beter wat je kunt doen tegen brand

  • Beveilig jezelf en anderen in 10 stappen tegen brandrisico's in huis
  • Krijg actuele meldingen en tips
  • Naast brand ook stappen voor inbraak, digitale veiligheid en wateroverlast
Ontdek het op Google Play Download in de App Store